Werkgelegenheid, de gelegenheid om te werken, wat betekent dat? Het lijkt te zeggen dat ons allen de ruimte en mogelijkheid gegeven is om te werken. Dat klinkt in eerste instantie heel goed. En toch zie ik het anders om mij heen.

De media berichten over de hoge mate van gebrek aan werkgelegenheid en dus een hoge werkeloosheid onder mensen die kennelijk graag willen werken. Ik vraag me af of werkeloosheid eigenlijk een probleem is, en of de voor de hand liggende oplossing van werkgelegenheid creatie wel de passende is.

Met veel urgentie omtrent het belang ervan, lijkt vooral de aandacht uit te gaan naar werkgelegenheid creatie in gevestigde sectoren in Nederland. Dat werpt in mijn ogen beperkingen op. Topsectoren zijn geïntroduceerd, wat een beperkt aantal sectoren zoals high tech, life science & gezondheid en land- en tuinbouw waarin wij goed zouden zijn. Wie is die alomtegenwoordige Wij en op basis van welke comparatieve analyse is die keuze dan gemaakt? Belangrijker nog, wat vinden de echte wij ervan? De bouw moet uit het slop. Is dat omdat mensen aan het werk moeten en belasting moeten afdragen, of omdat mensen daadwerkelijk in de bouw willen werken, en er een wezenlijke behoefte is aan bouwen? En zo ja, wat voor bouw willen we dan werkelijk? Wie kan mij vertellen wat we werkelijk bijdragen met ons werk aan Nederland en de wereld wanneer we onze aandacht vestigen op het in stand houden van oude systemen van bestuursvormen, arbeid en sectoren van onder meer banken, verzekeringen en zorg. Hebben overheid, bedrijven en werkzoekenden voldoende voor ogen dat wat we in stand houden, ons juist hier bracht?

Zien doen we alleen door echt te kijken: Onze economie is opgebouwd om binnen een beperkt aantal sector zoveel mogelijk geld te genereren. Die sectoren zijn tevens het domein waarbinnen wij geneigd zijn werkplekken te blijven zoeken en zo mogelijk te creëren. Dat lukt niet, de collectieve en individuele tendens is er namelijk niet naar om de bestaande structuren in stand te houden, maar om de maatschappij verder te doen ontwikkelen. Crises zijn er niet voor niets. Er worden sterke intrinsieke signalen afgegeven vanuit de systemen die het fundament waren van onze samenleving tot nu toe. De spanningen die we nu voelen zijn nodig. Ze leiden creativiteit in. Creativiteit die nodig is om een crisis recht in de ogen te kijken en een nieuwe manier te vinden om een bijdrage te leveren aan die ontwikkeling. Voor mij betekent dat weten wat je talent is, dat durven zien als jouw bijdrage aan de samenleving en werk maken van dat talent. Met talent als vertrekpunt, maken we keuzes die dichter bij ons hart liggen en daardoor dienend zijn aan ons eigen leven en dat van een ander. Talent is de inzet, geld is het ruilmiddel, vervulling is de winst.

Er zijn veel zelforganiserende principes en projecten die hun intrede doen in ons economische systeem die de mogelijkheden om talent in te zetten illustreren: Breiende Rotterdamse oma’s die met trots en plezier hun passie en handwerk inzetten en mensen blij maken met een warme muts en sjaal zoals bij Grannies Finest, Thuiskoks die graag hun kookkunsten delen en zichzelf en anderen voeden via Thuisafgehaald; Ouders die gezamenlijk besluiten hun kinderen op te vangen en verzorgen bij Mediamatic; Geld bij elkaar brengen om elkaar te verzekeren van (zieken)zorg door Brood; Buren die elkaar gereedschap, auto’s en talenten lenen (e.g. www.spullendelen.nl); Thuiszorgers die zelf hun organisaties besturen (www.buurtzorg.nl). De lijst is lang en hartverwarmend.
Het herinnert mij aan mijn (werk)ervaring in Findhorn, een spirituele community in Schotland. Daar zegt men; Work is love in action. Om de gemeenschap te dienen wordt ook hier gewoon gewerkt op het land en in de keuken voor de voedselvoorziening, er moet vergaderd over de budgetten, en de tuinen moeten onderhouden worden. De bewoners van Findhorn beginnen hun werk op een bijzondere manier. Zij starten met een afstemming op het universele veld, dat wat ons bindt, en op elkaar, dat waartoe een individu zich geroepen voelt. Afstemmen betekent voor mij met openheid van geest, niet vertrekkend vanuit conditionering, de stilte toelaten om te horen wat het ons wil vertellen. Ik geloof dat stilte spreekt en door het toe te laten kunnen we voelen welk mogelijkheden er zijn om te werken, hoe werk daadwerkelijk bijdraagt aan de samenleving en welke kwaliteit we daarvoor willen inzetten. Dat noem ik werkelijke creatie van gelegenheid om te werken. Er is dan namelijk altijd werk te doen. Laat je niet misleiden door de ogenschijnlijke verlichting in deze wijze van werken. Heel gewone klussen blijven aan de orde van de dag. Bovendien, zo luidt een zen gezegde: before enlightenment chop wood and carry water, after enlightenment chop wood and carry water.

Het verschil is dat wanneer we op deze manier aan het werk gaan, we nieuwe oplossingen en mogelijkhedenheden toelaten. Het werk dat we vandaag de dag doen krijgt daardoor wellicht en heel andere lading dan we initieel in ons hoofd hadden. Of ons huidige werk stopt voor ons, simpelweg omdat het niet meer past bij wat ons werkelijk drijft. Mijn eigen ontwikkeling naar deze manier van werken maakte duidelijk dat er in de bestaande omgeving soms (nog) geen ruimte is om talent gedreven te werken en werd zelfs het afscheid van mijn toenmalige baan. Het leidde tot gelegenheid om stil te staan, mijn werk opnieuw te overdenken en vorm te geven aan hoe ik wil werken: met feelosophy. Een van de resultaten van dat proces lees je nu op mijn website.

Om mij heen zie ik veel vrienden, vooral veel vrouwen, die worden ontslagen, zelf besluiten te vertrekken bij hun baan of de wens hebben diepte in hun huidige werk aan te brengen. De mensen in mijn omgeving bij wie dit aan de hand is, hebben wat gemeen: ze hebben creatiekracht. Een vrouwelijk aspect wat in zowel mannen als vrouwen aanwezig is. Als ik afstem op deze ontwikkeling daagt bij mij een zicht op hoe er vrouwenkracht, dus ook de vrouwelijke kracht van mannen, stroomt naar die plek waar het nieuws kan creëren.
Nog wat onzekerheid over hun talenten merk ik op dat er bij veel vrouwen en mannen behoefte is aan spiegeling en steun. Marianne Williamson spreekt erover dat onze diepste angst niet gaat over hoe inadequaat we zouden zijn, maar over hoe onmetelijk groots we zijn. Juist, ga er maar aan staan aan, aan je eigen talent. Omdat deze vaak uniek is kan het eenzaam voelen om dat te doen en kan het spannend zijn om de verantwoordelijkheid te dragen. Inmiddels heeft mijn angst plaatsgemaakt voor nieuwsgierigheid. Wat zal er gebeuren wanneer ik in mijn kracht sta? Dan zou ik zomaar mijn werk en benadering van mijn werk als zeer vervullend kunnen ervaren!

// Dit essay schreef ik in 2013 voor The Feelosophy Company//